Het verschil tussen maattolerantie en maatspreiding zit in wat er wordt vergeleken.
Het verschil tussen maattolerantie en maatspreiding zit in wat er wordt vergeleken.
Beide begrippen zeggen iets over de maatvastheid van gevelstenen en snelbouwstenen en zijn vastgelegd in EN 771‑1. Ze zijn belangrijk voor de verwerkbaarheid en nauwkeurigheid van het metselwerk, vooral bij dunne voegen of gelijmd metselwerk.
Maattolerantie geeft aan hoeveel de gemiddelde maat van een partij stenen mag afwijken van de opgegeven fabricagemaat.
Om dit te bepalen:
Op basis hiervan worden stenen ingedeeld in tolerantieklassen volgens EN 771‑1:
Een Porotherm Thermobrick uit Zonnebeke met formaat 288 × 138 × 188 mm voor traditioneel binnenmetselwerk behoort tot tolerantieklasse T1.
Dit betekent dat de gemiddelde gemeten maat van een partij maximaal mag afwijken van de fabricagemaat met:
Maatspreiding beschrijft de onderlinge maatverschillen tussen individuele stenen binnen éénzelfde partij (van eenzelfde batch).
In de praktijk zijn kleine verschillen onvermijdelijk. Daarom bepaalt maatspreiding hoe groot het maximale verschil mag zijn tussen de grootste en kleinste steen in een partij.
Ook hiervoor voorziet EN 771‑1 verschillende klassen:
Voor dezelfde Porotherm Thermobrick (288 × 138 × 188 mm) met maatspreidingsklasse R1 geldt binnen één partij (zelfde batch) een maximaal verschil van:
Samen geven deze parameters een betrouwbaar beeld van de maatvastheid van stenen, wat cruciaal is voor een correcte en nauwkeurige uitvoering van metselwerk, vooral bij dunne voegen of gelijmde systemen.